CO2-beprijzing in Duitsland en andere landen; is ETS niet voldoende?

Home/Geen onderdeel van een categorie/CO2-beprijzing in Duitsland en andere landen; is ETS niet voldoende?

CO2-beprijzing in Duitsland en andere landen; is ETS niet voldoende?

De EU-regeling voor de handel in emissierechten (ETS) wordt steeds relevanter. Elk jaar zijn er minder emissierechten beschikbaar, op langetermijn stijgt de prijs (ondanks de recente dalingen) en de stimulans om CO2-intensieve productietechnieken te vervangen door minder intensieve technieken wordt steeds sterker. Steeds meer landen lijken echter niet alleen op ETS te willen vertrouwen om hun doelstellingen voor emissiereducties te bereiken. Deels omdat ETS niet voor alle sectoren van de economie geldt, en deels omdat zij vinden dat de stimulans die van ETS uitgaat niet sterk genoeg is. Het meest recent in deze lijst van landen is Duitsland, dat in het kader van zijn Klimaatactieplan 2030 een extra CO2-beprijzing heeft aangekondigd voor sectoren die niet onder ETS vallen. Voor de zomer kondigde ook Nederland een plan aan om een extra CO2-heffing in te voeren. In andere landen, zoals het Verenigd Koninkrijk en Zweden, zijn al enige tijd extra CO2-beprijzingen van kracht. In dit blog leggen we uit wat de verschillende soorten maatregelen zijn, hoe ze zich verhouden tot ETS en welke effecten ze zullen hebben.

EU-regeling voor de handel in emissierechten (ETS)

Maar eerst terug naar de basis. ETS is van toepassing op de emissie van broeikasgassen veroorzaakt door elektriciteitsproductie, in de energie-intensieve industrie en in de burgerluchtvaart binnen de EU plus IJsland, Liechtenstein en Noorwegen. Dit komt neer op ongeveer 11.000 zware energieverbruikende installaties en luchtvaartmaatschappijen en dekt ongeveer 45 procent van de broeikasgasemissies van de EU. We praten vaak over CO2-uitstoot (en zullen dat hier ook doen), maar ETS heeft ook betrekking op andere broeikasgassen zoals N2O en PFC’s.

ETS bevindt zich momenteel in de derde fase, die loopt van 2013 tot en met 2020, waarin de hoeveelheid emissierechten voor uitstoot van CO2 jaarlijks met 1,74 procent wordt verminderd. Gedurende de derde fase zal 57% van de totale hoeveelheid emissierechten worden geveild, terwijl de resterende rechten gratis worden toegewezen. Elektriciteitsproducenten ontvangen geen gratis rechten meer in deze periode. Het aandeel gratis emissierechten voor de industrie zal jaarlijks geleidelijk afnemen van 80 procent in 2013 naar 30 procent in 2020. Luchtvaartmaatschappijen blijven een groot deel van hun rechten gratis ontvangen.

Tegen 2020 zullen de emissies van de sectoren die onder het ETS vallen 21 procent lager zijn dan in 2005. In de vierde fase, die loopt van 2021 tot 2030, zal het aantal rechten met 2,2 procent per jaar worden verminderd, waardoor het totale emissieniveau in 2030 43 procent lager zal zijn dan in 2005.

Duits Klimaatactieprogramma 2030

Hoewel ETS een noodzakelijke voorwaarde lijkt te zijn voor een effectief klimaatbeleid, is het geen voldoende voorwaarde. In de eerste plaats omdat ETS niet alle sectoren omvat. Maar alle emissies zijn wel belangrijk. Als we ons richten op 2030, heeft de EU een algemene doelstelling voor de vermindering van de emissies van 40 procent, die is verdeeld in een doelstelling van 43 procent voor ETS en 30 procent voor niet-ETS-sectoren. Deze algemene doelstelling van 30 procent is gespecificeerd per land en bedraagt in het geval van Duitsland 38 procent. In zijn Klimaatactieprogramma 2030 heeft Duitsland de nog ambitieuzere doelstelling van een totale reductie van 55 procent vastgesteld. Daarom zijn aanvullende maatregelen nodig.

Bron: European Commission (https://ec.europa.eu/clima/policies/effort_en)

Een van de belangrijkste maatregelen in het Duitse Klimaatactieprogramma 2030 is een extra CO2-beprijzing. Deze regeling zal gericht zijn op twee sectoren die niet onder de ETS vallen: transport en de gebouwde omgeving. Sectoren die momenteel vooral op fossiele brandstoffen werken, waarbij bijvoorbeeld in Duitsland nog steeds stookolie wordt gebruikt voor de verwarming van gebouwen. De sectoren zijn verantwoordelijk voor ongeveer 33 procent van de Duitse emissies. De emissies in degebouwde omgeving zijn sinds 1990 met 38 procent gedaald, maar die van het vervoer zijn zelfs met 1,8 procent gestegen. De uitstootvermindering in deze sectoren zal moeten worden versneld om de algemene reductiedoelstelling te bereiken.

Om de emissiereductie te bespoedigen, zal Duitsland voor deze twee sectoren een CO2-beprijzing invoeren. Vanaf 2021 zal een vaste prijs worden betaald per ton CO2-uitstoot. De prijs begint bij 10 euro per ton CO2 en stijgt vervolgens naar 20 euro in 2022, 25 euro in 2023, 30 euro in 2024 en tenslotte tot 35 euro in 2025. Vanaf 2026 wordt een bepaald aantal emissierechten uitgegeven dat jaarlijks wordt verlaagd in lijn met de algemene reductiedoelstelling. Dit komt heel dicht in de buurt van de oprichting van een mini-ETS. De prijs zal in de markt worden bepaald, al zal er een brandbreedte gehanteerd worden van 35 tot 60 euro per ton CO2. De minimum- en maximumprijzen voor 2027 zullen in 2025 worden vastgesteld.

De CO2-prijs wordt betaald door de aankoop van certificaten door bedrijven die brandstoffen etc. verkopen. Zij zullen de kosten doorberekenen, zodat de consument betaalt voor de uitstoot die zij veroorzaakt. In eerste instantie zal dit de prijs voor benzine en diesel met ongeveer 3 cent per liter doen stijgen, in 2026 zal de prijsstijging tussen de 10 en 18 cent per liter bedragen.

Naast de CO2-beprijzing heeft de Duitse regering nog een aantal andere maatregelen afgesproken:

  • De Duitse toeslag voor hernieuwbar energie op de elektriciteitsprijs zal in 2021 met 0,25 c€/kWh en vanaf 2023 met 0,625 c€/kWh worden verlaagd.
  • Verdere inkomsten uit de CO2-beprijzing zullen worden gebruikt om de toeslag op de elektriciteitsprijs verder te verlagen.
  • Maatregelen om huizen energiezuiniger te maken worden fiscaal aftrekbaar.
  • Een extra subsidie wordt aangeboden voor de vervanging van oliegestookte verwarmingssystemen. Nieuwe installatie van deze systemen wordt in 2026 verboden.
  • Het geïnstalleerde vermogen van de kolengestookte centrales zal in 2030 zijn teruggebracht tot 17 GW en in 2038 volledig zijn afgebouwd.

Meer CO2-prijssystemen

Duitsland is niet het enige land dat kiest voor een extra CO2-beprijzing om de uitstoot te verminderen. Veel landen hebben een complex systeem van belastingen op benzine, gas, elektriciteit, etc. Sommige landen hebben echter belastingen die rechtstreeks verband houden met de hoeveelheid uitgestoten CO2. Daaronder zijn er in principe twee benaderingen:

  • De eerste is om ETS uit te breiden door een CO2-beprijzing toe te passen op sectoren die niet onder het emissiehandelssysteem vallen, zoals in Duitsland.
  • De andere benadering is ETS te intensiveren door een minimum- of extra prijs toe te passen voor CO2-emissies binnen de ETS-sectoren.

Zweden

Zweden heeft waarschijnlijk de langstlopende CO2-beprijzing, die loopt reeds sinds 1991. Het heeft de vorm van een belasting op alle fossiele brandstoffen in verhouding tot hun CO2-uitstoot bij verbranding. Duurzame biobrandstoffen veroorzaken geen netto toename van de CO2-uitstoot in de atmosfeer en zijn daarom vrijgesteld. De belasting is van toepassing op alle sectoren die niet onder ETS vallen. In Zweden hebben de ETS-deelnemers geluk, want de Zweedse CO2-belasting is veel duurder dan de ETS-emissierechten. De CO2-belasting begon in 1991 met een tarief van 24 euro/t CO2 en is geleidelijk verhoogd tot 114 euro/ton in 2019. Door de geleidelijke verhoging van de belasting hebben huishoudens en bedrijven de tijd gekregen om zich aan te passen en is er geen schade aan de economie toegebracht.

Verenigd Koninkrijk

Het Verenigd Koninkrijk heeft gekozen voor een intensivering van ETS en heeft in 2013 een ´Carbon Floor Price´ ingevoerd. Deze bodemprijs is van toepassing op fossiele brandstoffen die gebruikt worden voor de opwekking van elektriciteit, een van de ETS-sectoren. De Carbon Floor Price is een minimumprijs vast die elektriciteitsproducenten in twee componenten betalen: de ETS-emissierechtenprijs en de Carbon Support Price die bestaat uit het verschil tussen de ETS-prijs en de minimumprijs. Toen de Carbon Floor Price werd ingevoerd, was het de bedoeling dat deze elk jaar zou stijgen tot 30 £/ton in 2020. De minimumprijs is echter in 2016 tot 2021 bevroren op het niveau van 18 £/ton. Ook al is de minimumprijs gemaximeerd, het lijkt erop dat hij vrij succesvol is geweest. Gedurende de eerste vijf jaar na de invoering heeft het Verenigd Koninkrijk zijn emissies van de kolengestookte elektriciteitsproductie met 50 procent verminderd. Het Verenigd Koninkrijk gebruikt nu een aanzienlijk groter aantal gasgestookte elektriciteitscentrales en heeft zijn capaciteit voor hernieuwbare energie uitgebreid. Echter nu de ETS-prijs hoger is dan de (bevroren) minimumprijs, heeft deze (vooralsnog) zijn relevantie verloren.

Nederland

Voor de zomer heeft ook Nederland plannen aangekondigd om een CO2-heffing in te voeren. Deze zal vergelijkbaar zijn met de Carbon Floor Price in het Verenigd Koninkrijk. Hoewel Nederland en Duitsland gesprekken hebben gevoerd om het klimaatbeleid op elkaar af te stemmen, hebben zij gekozen voor verschillende vormen van extra CO2-beprijzing. In tegenstelling tot de Britse versie omvat de Nederlandse heffing alle ETS-sectoren, ook de energie-intensieve industrie. De Nederlandse CO2-belasting zal, net als de Britse, een minimumprijs voor CO2 vaststellen. Bedrijven betalen het verschil tussen de ETS en de minimumprijs. Bedrijven hoeven de extra hoeveelheid niet te betalen over al hun emissies, maar alleen over hun emissies die een bepaalde referentiewaarde voor efficiënte productie overschrijden. De CO2-belasting begint bij 30 €/ton in 2021. Uitgaande van een ETS-prijs van bijvoorbeeld 25 €/ton betekent dit een extra 5 €/ton. Het tarief zal naar verwachting stijgen tot 150 euro/ton in 2030. De prijs kan worden aangepast om de reductiedoelstelling van 14,3 Mton CO2 in 2030 te bereiken.

Conclusie

CO2-beprijzing wordt beschouwd als een efficiënt mechanisme om klimaatverandering tegen te gaan. Broeikasgassen veroorzaken de opwarming van de aarde. Door een prijs aan deze emissies te hangen, kunnen de producenten zelf bepalen hoe ze hun emissies het meest efficiënt kunnen verminderen. Het beste is om een Europese (of zelfs bredere internationale) aanpak te hanteren om ´carbon leakage´ te voorkomen en een gelijk speelveld te handhaven. Maar nationale CO2-prijssystemen (met name voor binnenlandse sectoren) kunnen ook effectief en zelfs noodzakelijk zijn om ambitieuze emissiereductiedoelstellingen te bereiken. Het zal interessant zijn om te zien of de nieuwe Duitse CO2-prijs zich kan ontwikkelen tot een parallel systeem voor handel in emissierechten. Als dat het geval is, kan dit mogelijk het begin zijn van een bredere Europese toevoeging aan ETS.

Het effect van nieuwe nationale CO2-beprijzingen op ETS lijkt beperkt te zijn. De regelingen die van toepassing zijn op niet-ETS sectoren, zoals in Duitsland en Zweden, hebben in principe geen invloed op ETS. Minimumprijzen voor emissies, zoals in het Verenigd Koninkrijk en Nederland, maken de ETS-prijs minder relevant voor bedrijven in die landen, omdat zij in principe toch meer betalen (namelijk de minimumprijs). Het is mogelijk dat bedrijven in deze landen door de hogere prijs hun emissies sneller zullen verminderen. Dit zou ertoe kunnen leiden dat er meer emissierechten beschikbaar komen in de markt, waardoor de ETS-prijs daalt.

Voor de betrokken landen zijn er gemengde effecten. De invoering van CO2 -beprijzing is goed nieuws met betrekking tot de klimaatdoelstellingen. Voor de betrokken sectoren kost het geld, maar de inkomsten voor de overheid kunnen worden gebruikt om de kosten elders te verlagen. In het Duitse geval zullen de inkomsten uit de CO2-prijs bijvoorbeeld worden gebruikt om de toeslag voor hernieuwbare energie op de elektriciteitsrekening te verlagen. En Zweden heeft aangetoond dat zelfs een CO2-prijs van meer dan 100 euro/ton kan mogelijk is als deze verstandig wordt toegepast.

Rens van de Ven | Energy Consultant

By | 2019-10-08T14:22:28+00:00 oktober 8th, 2019|Categories: Geen onderdeel van een categorie|Tags: , , |0 Comments

Leave A Comment