Blijft het Emissiehandelssysteem (EU ETS) op schema?

Home/Geen onderdeel van een categorie/Blijft het Emissiehandelssysteem (EU ETS) op schema?

Blijft het Emissiehandelssysteem (EU ETS) op schema?

De financiële crisis van 12 jaar geleden had zo’n invloed op het economische groeipad en de bijbehorende emissieniveaus dat de prijs voor CO2-emissierechten zich pas enkele jaren geleden herstelde toen beleidswijzigingen het overschot aan emissierechten verminderden. Is het Emissiehandelssysteem nu beter voorbereid op schokken zoals de huidige crisis?

Eerste fasen van het Emissiehandelssysteem

Toen de handel in emissierechten in 2005 van start ging, bereikte de prijs aanvankelijk een niveau van bijna 30 euro per ton uitgestoten CO2. Toen echter duidelijk werd dat de werkelijke emissies onder het aantal toegewezen emissierechten lagen, daalde de prijs snel, vooral omdat het niet toegestaan was om emissierechten van fase I (2005-2007) naar fase II (2008-2012) mee te nemen. Fase II begon aanvankelijk met een prijsniveau van ongeveer 20 euro per ton in 2008, maar toen de financiële crisis in 2009 toesloeg, begonnen de prijzen te dalen omdat de economische en industriële activiteit sterk terugliep. De prijzen bleven de daaropvolgende jaren onder de 10 en zelfs 5 euro per ton. De prijzen voor emissierechten bleven laag aan het begin van fase III (2013-2020), omdat deze keer rechten mochten worden meegenomen vanuit fase II naar de volgende fase (zogenaamd ‘banking’ van emissierechten).

Met het overschot aan rechten op de markt zou het vele jaren van jaarlijkse reducties van de veilingvolumes (1,74% per jaar tijdens fase III) hebben gekost om de prijzen terug te brengen tot een niveau waarop ze een echte prikkel zouden vormen om de uitstoot te verminderen. Daarom besloot de EU aanvullende maatregelen te nemen om de markt voor emissierechten weer recht te trekken. Als maatregel voor de korte termijn stelde de EU de veiling van 900 miljoen emissierechten uit van 2014-2016 naar 2019 en 2020. Door deze maatregel werd het overschot aan rechten op de markt enigszins teruggebracht tot 1,78 miljard in 2015, maar zoals te zien is in figuur 1 had dit weinig invloed op de prijs van de emissierechten. Ten eerste omdat er een overschot aan rechten op de markt bleef bestaan, maar vooral omdat de 900 miljoen rechten later alsnog zouden worden geveild. Daarom bleef het totale aantal rechten van fase III gelijk. Bovendien deed de maatregel niets om het emissiehandelssysteem beter bestand te maken tegen mogelijke toekomstige schokken.

Figuur 1: Prijs voor emissierechten 2013 – 2020. Bron: MTech

De invoering van de Marktstabiliteitsreserve

Als langetermijnoplossing en als structurele hervorming van het emissiehandelssysteem besloot de EU tot de invoering van de marktstabiliteitsreserve (MSR). De marktstabiliteitsreserve neemt jaarlijks een deel van het overschot aan emissierechten uit de markt. In geval van een tekort of een zeer klein overschot kan de MSR weer emissierechten vrijgeven voor de markt. Op die manier verkleint de MSR de impact van externe schokken op de vraag naar emissierechten. Dit zorgt voor een stabielere prijs van emissierechten hetgeen noodzakelijk is om investeringen in de reductie van emissies te stimuleren.

Om te beginnen werden de 900 miljoen emissierechten die naar 2019 en 2020 waren geschoven, overgeheveld naar de MSR. Hiermee werd het reeds eerder vastgestelde overschot aan emissierechten geadresseerd. Hierdoor werden de veilingvolumes voor 2019 en 2020 verminderd en als gevolg begon de prijs voor emissierechten vanaf begin 2018 te stijgen. Je zou kunnen zeggen dat deze maatregel de handel in emissierechten weer terug op schema bracht.

Om het emissiehandelssysteem ook op koers te houden, wordt elk jaar het overschot aan rechten op de markt berekend en worden de rechten dienovereenkomstig naar of van de MSR overgedragen. Elk jaar voor 15 mei publiceert de Europese Commissie (EC) het aantal emissierechten dat het jaar daarvoor in omloop was. Als dit aantal meer dan 833 miljoen bedraagt, wordt 24% van de rechten overgeheveld naar de MSR. In praktische zin worden deze rechten uit de markt genomen door de veilingvolumes over de periode september van dat jaar tot augustus het volgende jaar te verminderen. Na 2023 wordt het percentage van de overtollige emissierechten dat naar het MSR wordt overgedragen, teruggebracht tot 12%. Als het aantal emissierechten in omloop echter minder dan 400 miljoen bedraagt, worden rechten uit de reserve vrijgegeven. Zoals u ziet is het niet de bedoeling van de EU om het aantal uitgegeven rechten precies aan te passen aan de hoeveelheid emissies en het aantal rechten in vrije omloop tot nul te reduceren. Een zekere hoeveelheid emissierechten in omloop is nuttig voor marktdeelnemers om posities voor toekomstige perioden te kunnen afdekken en zich in te dekken tegen prijsstijgingen.

De MSR is in januari 2019 van start gegaan. In de publicatie van mei 2018 was aangegeven dat (op basis van het aantal emissierechten dat in 2017 in omloop was) 265 miljoen emissierechten aan het MSR moesten worden overgedragen door de veilingvolumes van januari 2019 tot augustus 2019 te verminderen. Een jaar later publiceerde de EC dat het aantal emissierechten dat in 2018 in omloop was 1,65 miljard bedroeg, wat betekende dat in de periode van september 2019 tot augustus 2020 bijna 400 miljoen emissierechten aan het MSR moesten worden overgedragen. Iets meer dan een week geleden publiceerde de EC dat het aantal rechten dat in 2019 in omloop was 1,39 miljard bedroeg. Het aantal emissierechten in omloop is dus enigszins afgenomen ten opzichte van het jaar daarvoor. Desondanks blijft er een overschot aan rechten op de markt, en in de periode september 2020 tot augustus 2021 zullen nog eens 330 miljoen rechten worden overgedragen aan de MSR.

Economische stagnatie

Nu het emissiehandelssysteem weer op schema ligt en de MSR zijn werk doet om overtollige emissierechten te absorberen, is de economie bijna letterlijk tot stilstand gekomen. Economen zijn nog maar net begonnen met het beoordelen van de economische gevolgen van de uitbraak van het coronavirus. De daling van de economische activiteit zal waarschijnlijk dieper zijn dan die van de financiële crisis, hoewel het herstel wellicht sneller zal verlopen. De impact op de energiemarkten is duidelijk. De bezorgdheid over de aanhoudende zwakke vraag heeft (samen met andere factoren zoals de verwachte toename van de hernieuwbare energie en grote gasreserves) de energieprijzen tot een historisch dieptepunt gebracht. De prijs voor emissierechten daalde tot ongeveer 15 euro per ton toen Europese landen in de tweede helft van maart in een lockdown gingen, maar zijn daarnaar weer gestegen tot ongeveer 20 euro per ton. Prognoses zoals die van Refinitiv zijn naar beneden bijgesteld van een gemiddelde prijs voor fase IV (2021-2030) van 26 euro per ton naar 20 euro per ton, maar een terugkeer naar de niveaus van vóór 2018 wordt op dit moment niet voorzien. Hoewel het nog te vroeg is om definitieve conclusies te trekken, houdt de markt voor emissierecht het vooralsnog goed in vergelijking met tijdens de financiële crisis. De MSR is daar mede verantwoordelijk voor. Het overschot aan emissierechten dat vandaag door minder economische activiteit ontstaat, zal vanaf september 2021 ten minste gedeeltelijk weer uit de markt worden gehaald. De vermindering van het toekomstige veilingaanbod draagt bij aan de ondersteuning van de huidige prijs.

Gevolgen voor de reductie van broeikasgassen

Nu we volgend jaar overgaan naar fase IV (2021-2030) van het Emissiehandelssysteem zal de jaarlijkse vermindering van uitgegeven emissierechten versnellen van de huidige 1,74% naar 2,2%. Deze vermindering is in overeenstemming met de doelstelling voor 2030 om de uitstoot van broeikasgassen in de EU met 40% te verminderen. Alle door de MSR geabsorbeerde rechten zijn additionel emissiereducties. Hetzelfde geldt voor eventuele extra overschotten op de markt die niet door de MSR worden geabsorbeerd. Uiteindelijk zijn het emissiehandelssysteem en de prijs van de emissierechten slechts instrumenten. Het doel is om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en uiteindelijk (verdere) klimaatverandering te voorkomen. En met betrekking tot het doel om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen, zou ik zeggen dat het bereiken van het doel van 40 procent voor 2030 zekerder is dan dat we allemaal deze zomer op vakantie kunnen gaan of zelfs dit jaar samen met de familie kerstmis kunnen vieren.

Rens van de Ven | Energy Consultant

By | 2020-05-20T09:10:05+00:00 mei 20th, 2020|Categories: Geen onderdeel van een categorie|Tags: , , |0 Comments

Leave A Comment